I am too big
to dwell in the shadow
of the cross
I am too young
to yield my flame
to the fire
and I tremble
that so soon must I return
my life to you
god

although
I am but a grain
in your hand
a mote
borne by the wind

o god
I want to live

but drifting
side by side
row upon row
infinite
beyond sight
I stand
we stand

like quiet
white crosses
in quiet fear

The Seventh Day


 

ik ben te groot
om in de schaduw
van het kruis te leven
ik ben te jong
om aan het vuur
mijn vlam te geven
en ik ben bang
dat ik mijn leven
vroeg aan je terug moet geven
god

al ben ik dan
een korrel in je hand
een pluisje
door de wind gedreven

god
ik wil leven

maar zwevend
rij op rij
en zij aan zij
oneindig
tot de horizon
sta ik
staan wij

als stille
witte
kruisen

(en beven)